top of page

To write or not to be.

Er was eens een jongen van 4 die hamertje tik deed. Eén wang opgetrokken, inspannend knutselend. Dat jongetje maakte dingen. Alleen z’n moeder en zus, zagen het fabrikaatje. Ik was die jongen en ik was gelukkig. Geen moment vroeg ik me af: gaat het goed met mij en doe ik de goede dingen?


Nu ik opgegroeid ben, lijk ik in een prestatiemaatschappij te leven. Succes wordt deels afgemeten aan het aantal volgers of views. Het hangt voor velen af van zichtbaarheid. Toen ik tot drie jaar terug veel over mijn ervaringen bij Keytoe deelde (podcast en artikelen) had ik een succes-gevoel. Het stroomde, en de buitenwereld bevestigde me. ‘Het gaat goed bij jullie hè?’ - afgemeten aan het feit dat ik erover schreef.


Nu werk ik twee jaar bij VGZ en deel ik er nauwelijks over. Ik doe ook nog steeds best veel voor mezelf of Keytoe. Maar ook dat deel ik nauwelijks. En gek genoeg vraag ik me nu regelmatig af: doe ik het goed? En doe ik het goede?


Ook Keytoe laat minder geluid horen dan drie jaar geleden - wat deels logisch is omdat het in omvang geslonken is. Maar toch is er meer dan genoeg te vertellen, alleen gaat de aandacht er niet naartoe om te delen. En again die vreemde twijfel: doet Keytoe het goed? Doet Keytoe het goede?


Vorig jaar had ik wel een boek live (Bedrijf Bamischijf), dit jaar ga ik geen boek kunnen fabriceren - laat staan publiceren. Wel schreef ik 300 gedichten in 2,5 jaar, maar delen doe ik ze zelden. Doe ik het goed? Het is meer leven in de luwte, werkend met de poten in de klei. Ik werk veel voor anderen en bouw weinig aan ‘mezelf’ of ‘mijn eigen merk’. Heb ik onbewust antwoord gegeven op de vraag ‘Wie kies je om te zijn?’ - waarbij er te kiezen valt tussen het individu of het collectief. Of heb ik die vraag nog voor mezelf te beantwoorden? Of, is het überhaupt geen vraag?


Mijn werk is totaal anders dan drie jaar geleden. Niet slechter. Wel minder voor de bühne. Misschien leer ik momenteel zelfs meer, maar delen doe ik het des te minder. Minder oordeel daarover zou handig zijn. Van mezelf vooral. Stel dat ik ‘het vandaag’ gewoon helemaal oké zou vinden, zonder enige twijfel. Net als dat jongetje van vier. Omdat ik niet het idee heb aan een norm te hoeven voldoen.


Misschien, heel misschien, deel ik dan weer wat meer. En laat ik dan weer het eea aan mn moeder en zus zien. Of aan nog meer mensen. Omdat het mag, niet omdat het logisch is of verwacht wordt.

En als ik dan denk ‘wie ben ik om iets te delen?’ Dan mag ik mezelf ook afvragen ‘Wie ben ik niet om dit te delen?’ Die jongen van vier mocht gezien worden, z’n 40-jarige versie ook. Destijds vroeg ik me tenslotte ook niet af ‘wie ben ik?’


Ik ging er toen gewoon vanuit: mijn moeder vindt dit leuk om te zien. En het was vrij van verwachtingen of oordeel.

Het is jammer dat de bevestiging van buiten het oordeel naar mezelf nog teveel beïnvloedt.


Liever zou ik m’n bevestiging al volledig halen uit de zingeving die zit achter de dingen die ik doe.

Comentários


bottom of page